GenX ruiters v.s. GenZ ruiters
- Jasmijn de Bruijn

- Apr 13
- 4 min read
Wie tegenwoordig een wedstrijdterrein oprijdt, waant zich op een luxe festival. Glanzende vrachtwagens, eb-en-vloedbodems die zo strak liggen als een biljartlaken, en ruiters die in glitter-outfits hun proefje rijden voor de camera. Het is clean en esthetisch.
Vergelijk dat eens met de hoogtijdagen van de landelijke paardensport in de jaren ’80, begin jaren '90. Voor de Gen X-ruiter was een wedstrijd geen dagje uit; het was een militaire operatie en een les in nederigheid.
Geen luxe, maar karakter
Terwijl de Gen Z-ruiter vandaag de dag het erf vaak niet eens meer afkomt (leve de online proefjes), begon onze wedstrijddag vaak al om zes uur ’s ochtends. Niet omdat we onze skincare routine nog moesten doen, maar omdat we een uur heen en een uur terug moesten lopen. Te paard. Langs drukke wegen, door weer en wind. Of omdat de vrachtwagen ons op kwam halen. GenZ heeft nu allemaal eigen vervoer. En een trailerlaadprobleem.
Eenmaal aangekomen wachtte geen perfect geprepareerde zandbaan, maar een "knollenveld". Een hobbelig stuk gras waar de kuilen van de vorige regenbui nog in stonden. Je paard gleed weg in de bochten, de vliegen zwermden om je hoofd, en maar hopen dat je bleef zitten. Dat was de paardensport: survival of the fittest.
Feedback zonder filter
In de wereld van nu hebben we safespaces, bodyprotectors en instructeurs die praten over "positieve bekrachtiging". Bij ons was de didactiek ver te zoeken. Onze instructeurs hadden vaak een militaire achtergrond en hun stembanden waren van staal. Instructies werden niet gegeven, commando's werden over de bakrand geblaft. "MET ÉÉNEN MARS!" Viel je uit de toon? Dan was het simpel: spullen pakken en naar huis. Op "Ja-maar" stond de doodstraf.
En de jury? Die was de personificatie van de ongezouten waarheid. Na je proef begaf je je met knikkende knieën naar de jury voor het "commentaar". Terwijl de jury inspecteerde of je zadel wel gepoetst was en of je wel volgens de regels was afgestegen, kreeg je de feedback in your face. Geen diplomatieke woorden op een protocol, maar duidelijke taal waar je het mee moest doen.
Waar GenZ vaak al wankelt bij een tegengestelde mening, werden wij gesmeed in het vuur van ongezouten kritiek. Het was rauw en direct, en je slikte je weerwoord in uit respect. Het was een harde leerschool die ons de veerkracht gaf waar we vandaag de dag nog op teren. Niemand krijgt ons klein met een nare opmerking, want wij zijn gevormd op die grasvelden waar kritiek je niet brak, maar juist motiveerde om de lat nóg hoger te leggen."
Van survival tot stampede
Een wedstrijd was een dagvullend programma. Je schreef je niet in voor één onderdeel; je deed álles. Twee dressuurproeven, twee parcoursen springen, en als je paard er een beetje deftig uitzag, deed je mee aan "Bestgaand". Of natuurlijk de afdelingsdressuur. In vier- of achttal strak in het gelid samen een proef rijden.

Het wachten tussen de rubrieken duurde soms eindeloos. Zonder de afleiding van social media dwong de verveling ons tot creativiteit en sociaal gedrag. Je hielp elkaar zadelen, las elkaar een proefje voor en wist wat er speelde. Onze paarden waren bomproof—dat moest ook wel, want ze stonden tussen de rubrieken door gewoon aan een touw. Geen enkel paard had stress. Ze spaarden hun energie, want ze wisten inmiddels wel beter. Ook geen discussies of het wel te warm was. Hitteprotocollen bestonden toen nog niet. Weer of geen weer: het ging áltijd door.
Het hoogtepunt (of dieptepunt, afhankelijk van je zenuwen) was de parade aan het einde van de dag. Iedereen, maar dan ook iedereen, reed mee. Het had weinig meer weg van een ereronde en alles van een stampede. De Radetzky mars bulderde over het terrein en een kolkende massa paarden en pony’s marcheerde over het open veld. Dat we daar allemaal zonder kleerscheuren uitkwamen, mag een wonder heten.
We gingen pas naar huis als de parade was geweest; we hingen de hele dag op het terrein rond. Niks havercappu, matcha of vegan bowls. Je kreeg een hamburger van de plaatselijke slager die toevallig ook een paardrijdende zoon of dochter had, en de moeders regelden de koek en zopie. Met een bekertje limonade of zwarte filterkoffie en een kleffe gevulde koek hielden we het vol. En anders had je altijd nog een paar bammetjes in je rugzak.
Eenheid versus Glitter
Vandaag de dag is de ring een modeshow. Individualiteit staat voorop: glitter op de helm, matchende dekjes in neonkleuren en externe validatie van vreemden op social media. Wij hadden dat niet nodig. Wij hadden verbinding door eenheid.
Onze "shiny outfit" bestond uit een witte bloes, een zwarte v-hals trui en een stropdas. Punt. En om je frontriem zat tape in de kleuren van je club. Geen glitters, geen fratsen. We zagen er allemaal hetzelfde uit, omdat de focus niet op het individu lag, maar op het samen beleven van de paardensport.

Wat Gen Z zich nu amper meer kan voorstellen, is dat een wedstrijd een collectieve inspanning was. Als je lid was van de organiserende vereniging, werd er niet gevraagd óf je kwam helpen, maar hoe laat je er was om hindernissen te sjouwen of de ring af te zetten. GenZ presteert het om het secretariaat te appen (bellen is immers eng) met de vraag of het hele programma omgegooid kan worden. Ze willen precies om 11:00 uur starten—niet te vroeg, want uitslapen is heilig, en ze moeten 's middags nog naar een verjaardag.
Voor ons was de vereniging je sociale anker, niet een dienstverlener die je een tijdslot verkoopt. Wij kochten geen 'ervaring', wij bouwden hem zelf op, met blaren op onze handen en modder achter onze oren. Die inzet creëerde een band die verder ging dan je engagement op Instagram; het was echte verbondenheid in de chaos van de paardensport.
We are NOT the same
Gen X ging niet naar een wedstrijd om een esthetische reel te schieten of een dagvlog te vullen. Wij gingen om te leren, te incasseren en sterker terug te komen. Wij leerden het the hard way. Dus terwijl de Gen Z-ruiter even poseert voor de camera, en wij vanaf de zijlijn een wenkbrauw optrekken, weet dan dit: wij zijn gesmeed in de modder, gevormd door schreeuwende instructeurs en gehard door de chaos van de grasmat-stampede. Wij hebben de kolkende paardenmassa’s op de knollenvelden niet alleen overleefd; we hebben ze beheerst. Zonder bodyprotector, zonder safespace, en zonder genade.
En eerlijk? We hadden het voor geen goud willen missen.



Comments